Follow Me on Twitter
woensdag, 23 november 2011 13:20

Filipijnse boeren kiezen voor duurzaam

06boeren-schakelen-over-op-orIn de Filipijnen is een organische omwenteling gaande. Na decennia lang chemicaliën gebruikt te hebben ontdekken Filipijnse boeren nu de voordelen van organische landbouw, zonder gebruik van kunstmest en chemische bestrijdingsmiddelen. Wat drijft deze biodynamische omwenteling?

Text en foto's: John Cavanagh en Robin Broad

We brengen de middag door met Gil en Teresa. Samen boeren ze al sinds 1973 op ruim een hectare ongeïrrigeerd land in het zuiden van de Filipijnen. We wandelen hun land op, langs een rij jonge bomen, langs ananasplanten en over een klein veldje met rijst. Op het erf stappen kippen parmantig rond. We nemen plaats op een bankje voor hun huis, in de schaduw van een indrukwekkende diversiteit aan fruitbomen: mango, pomelo (met een hele grote grapefruitachtige vrucht) en ander fruit.

De boerderij van Gil en TeresaHier komen we er achter dat rijstboeren net zo denken als de meesten van ons: ze veranderen hun routines en gebruiken niet graag, tenzij ze er van overtuigd zijn dat verandering tastbare voordelen oplevert. Verschillende families van rijstboeren in drie Filipijnse provincies hebben ons echter overtuigend bewijs laten zien dat organisch verbouwde rijst beter is dan rijst geproduceerd met behulp van chemische bestrijdingsmiddelen en kunstmest. De kosten zijn lager, de gezondheid van boer en consument verbetert en bodem, water en milieu worden gespaard.

Maar wij wilden graag weten wat er nu eigenlijk voor zorgde dat boeren de omslag maakten van decennia lang "chemisch" boeren naar een meer lokaal gewortelde, duurzame vorm van organische landbouw.

Zelfvoorzienende landbouw

Gil begint hun verhaal, terwijl Teresa rustig naast hem staat. Het gezin bedreef meer dan 25 jaar lang gangbare landbouw, met kunstmest en chemische bestrijdingsmiddelen. In 1999 was Gil het zat om steeds in de schulden te zitten en ging naar een training over organische landbouw, georganiseerd door de Don Bosco Foundation. "Ik had mijn buik vol van de leningen en de hoge kosten die bij de gangbare landbouw hoorden."

Gil begon op een klein deel van zijn grond, waar hij één veldje rijst en twee veldjes met kouseband (een lange sperzieboonachtige peul) aanplantte, zonder chemische toevoegingen. "Ik wilde echt graag uitproberen wat ik in de cursus geleerd had. Ik wilde het zonder chemicaliën doen." Zijn vrouw Teresa was sceptisch: "Ik dacht dat geen chemicaliën geen eten zou betekenen."

Organisch gekweekte kousebandMaar volgens Gil draaide Teresa snel bij. "Omdat we twee grote manden vol kouseband konden oogsten waardoor we nog vóór de rijstoogst geld konden verdienen. De kouseband deed het 'em!" Gil en Teresa brachten snel meer variatie aan in hun boerderij. Ze plantten andere groenten en fruitbomen aan. Nu, een decennium later, hebben ze voldoende gezond voedsel om hun gezin te eten te geven en zijn ze bijna zelfvoorzienend. Gil: "Slechts twee procent van wat we eten komt van buiten de boerderij: zout, olie om mee te koken, specerijen. Dat is alles."

Minder schulden, lagere kosten

Een paar kilometer verderop beschrijft een ander stel, Romeo en Elsie, hun omschakeling naar een organische productiewijze. We ontmoeten hen in een open bamboe hut naast hun huis en hun vijf hectare geïrrigeerd rijstland. Romeo, rustig met een gespierd uiterlijk, begint hun verhaal: "Elsie was de belangrijkste kracht omdat zij de financiën van de boerderij beheert. Vroeger maakten we al schulden bij tussenpersonen en geldschieters tijdens de fase van grondbewerking. Tegen de oogsttijd was er dan nog maar weinig geld over. Soms niet eens genoeg om de geldschieters terug te betalen en om nieuwe leningen voor het volgende seizoen te krijgen. Dat was de cyclus: altijd veel schuld."

Elsie vervolgt: "Romeo raakte zijn interesse om te boeren kwijt omdat er na de oogst niks voor ons overbleef. Hij vroeg zich meer dan eens af waarom hij überhaupt nog zou oogsten."

Dus namen ook zij deel aan een Don Bosco training over organische landbouw. Hier was het Romeo die sceptisch was. "Als ik geen chemische bestrijdingsmiddelen gebruik, hoe kan ik dan oogsten?" En dus sloten ze een compromis. Ze deden een proef op één van hun vijf hectares, op de grond die Elsie van haar vader had geërfd. Wat hen betreft was het resultaat fenomenaal. De kosten daalden spectaculair terwijl de oogst nauwelijks minder was. "De ervaringen op die ene hectare waren belangrijker dan de training."

Elsie beschrijft nu enthousiast de omschakeling van alle vijf hectares naar een organisch regime. "Onze schulden zijn afgelost. Onze vier kinderen hebben hun school afgerond. We kunnen tweedehands of zelfs nieuwe kleding kopen. En onze gezondheid is verbeterd." En, zo vertellen ze ons, twee van hun kinderen werken. Ze proberen genoeg geld te sparen om ook land te kunnen kopen om daar op een duurzame manier te gaan boeren.

Don Bosco promoot duurzame keten

Besty Ardana met Robin en John zitten op zakken organische rijstWe willen graag meer weten over de omschakeling van boeren als Gil, Teresa, Elsie en Romeo, dus we gaan op bezoek bij de directeur van de Don Bosco Foundation. Betsy Adarna, een tengere vrouw met kort, zwart krullend haar en schijnbaar onuitputtelijke energie, bestuurt de stichting die deze twee gezinnen samen met duizenden andere boeren heeft getraind in een specifieke tak van de organische landbouw: "biodynamische" landbouw.

In de Filipijnen begint deze nieuwe filosofie over landbouw en voedselproductie voet aan de grond te krijgen: vrij van chemicaliën, met een belangrijke rol voor de gemeenschap. Op basis van deze nieuwe filosofie worden traditionele zaadvariëteiten en recepten voor natuurlijke meststoffen en bestrijdingsmiddelen verspreid. Daarnaast worden boeren ook getraind in het herkennen van de juiste tijd om te planten en te oogsten, op het ritme van de maancyclus. Zo is het niet goed om te oogsten tijdens volle maan omdat dat veel soorten plagen aantrekt. Biodynamische landbouw legt ook nadruk op een gezonde levensstijl en op respect voor de planten die verbouwd worden. "Het is niet gewoon landbouw bedrijven", zo legde een boer ons uit. "Het is het gezond maken van de aarde."

Betsy vecht tegen de uitbreiding van bananenplantages. Deze slokken niet alleen rijstvelden op, maar "kapen" ook het water dat de rijstboeren nodig hebben. En met financiële hulp uit Europa heeft de Don Bosco Foundation een groep boeren geholpen bij de aankoop van een rijstmolen om de rijst na de oogst te pellen en geschikt te maken voor consumptie. Op die manier kunnen de boeren onafhankelijk blijven van rijsthandelaren en andere tussenpersonen. Don Bosco heeft ook zes winkels waar de rijst verkocht wordt aan consumenten. Betsy en Don Bosco laten zien dat duurzame landbouw op grote schaal succesvol kan zijn, van de boerderij tot in de winkel.

Organische omwenteling

Gil en Teresa met John, Robin en Don Bosco stafIn de Filipijnen helpen maatschappelijke organisaties (ngo's) als Don Bosco mee om deze omwenteling naar organische landbouw te versnellen. In 2009 lanceerden de Philippine Rural Reconstruction Movement en andere ngo's een grote "Go-Organic"-coalitie. Deze coalitie heeft zich tot doel gesteld om de productie van organische rijst uit te breiden naar tien procent van al het land dat in de Filipijnen voor de rijstproductie wordt gebruikt. Er bestaat een dynamisch netwerk van organisaties, het Rice Watch and Action Network, dat de overheid ondersteunt met beleidsideeën. Op die manier wordt de overheid, die grote aantallen landbouwvoorlichters in dienst heeft en een sleutelrol speelt in het onderhoud van irrigatiekanalen, versterkt.

Maar uiteindelijk verloopt deze organische omwenteling op het niveau van individuele boeren. Boeren maken de overstap pas nadat ze de concrete voordelen voor zichzelf hebben ontdekt. Net als Teresa en Gil en Romeo en Elsie.

Vertaling: Robert Kockelkoren

Laat een reactie achter

Zorg ervoor dat u de verplichte (*) velden invult waar dit is aangegeven. HTML code is niet toegestaan.