Datu Uto (ook wel Utto of Utu) was de zoon van Sultan Bangon Marajanun van Buayan en Tuan Bai, een zus van sultan Qudratullah Untung van Maguindanao. Uto onderscheidde zich toen hij in 1864 een Spaanse aanval afsloeg. Toen zijn vader in 1872 overleed werd Uto door de faam die hij hierdoor had opgebouwd zijn opvolger, ondanks het feit zijn oom hiervoor was aangewezen. Het sultanaat Buayan was in de 17e eeuw ontstaan door de opsplitsing van het Sultanaat van Maguindanao in vier delen aan het einde van de regeerperiode van Sultan Muhammad Kudarat. Uto beschouwde zichzelf door zijn afkomst als de rechtmatige heerser van heel Maguindanao en verzette zich tegen de heerschappij van de Spanjaarden. Enerzijds stond hij bekend als een slimme en dappere leider, maar anderzijds hanteerde hij ook erg wrede en barbaarse methoden om zijn onderdanen in toom te houden. Op de piek van zijn macht tussen 1870 en 1880 zou hij zo'n 5000 slaven bezeten hebben.
In 1874 sloot Uto een alliantie met het Sultanaat van Sulu tegen de Spanjaarden. De Spaanse gouverneur reageerde daarop door een militaire actie tegen Uto op te starten. Ze slaagden erin om Uto's belangrijkste bolwerk, Bakat, gedeeltelijk te bezetten, maar Uto ontsnapte en verdreef uiteindelijk de Spanjaarden weer door het voortdurend uitvoeren van guerilla-aanvallen. In mei 1875 werd er bovendien een tijdelijk vredesakkoord met Uto gesloten. De rust in het gebied duurde echter niet lang. In 1876 werd Jolo door de Spanjaarden bezet en het jaar erop werden de Sultans van Tumbao en Cotabato overgehaald om een alliantie tegen Uto te vormen. Vanaf 1885 werd er opnieuw rechtstreeks gevochten tussen de Spanjaarden en de volgelingen van Uto.

In 1886 begonnen de Spanjaarden een militaire campagne die het einde van het bewind van Uto in zou luiden. In februari werd Bakat ingenomen. Uto werd gedwongen zich naar het binnenland terug te trekken. De inname van de Baai van Sarangani in juni 1886 zou uiteindelijk beslissend blijken. Doordat handel met slaven en wapens nu niet meer mogelijk was lieten de datu's die Uto steunden hem een voor een in de steek. Na een laatste aanval door de Spanjaarden begin 1887 zag Uto zich uiteindelijk gedwongen zich aan de Spanjaarden te onderwerpen. De laatste periode van zijn leven leefde Uto, ontdaan van zijn titels en aanzien, in Cotabato onder bescherming van de Spanjaarden. Niet veel later zouden het de Spanjaarden zelf zijn die gedwongen werden te vertrekken, toen de Filipijnen door de Amerikanen werden overgenomen.
Tekst: Jeroen Dunnewold










Please wait...