Deprecated: iconv_set_encoding(): Use of iconv.internal_encoding is deprecated in /domains/tambuli.nl/DEFAULT/libraries/joomla/string/string.php on line 28

Deprecated: iconv_set_encoding(): Use of iconv.input_encoding is deprecated in /domains/tambuli.nl/DEFAULT/libraries/joomla/string/string.php on line 29

Deprecated: iconv_set_encoding(): Use of iconv.output_encoding is deprecated in /domains/tambuli.nl/DEFAULT/libraries/joomla/string/string.php on line 30

Deprecated: preg_replace(): The /e modifier is deprecated, use preg_replace_callback instead in /domains/tambuli.nl/DEFAULT/libraries/joomla/filter/input.php on line 652

Deprecated: preg_replace(): The /e modifier is deprecated, use preg_replace_callback instead in /domains/tambuli.nl/DEFAULT/libraries/joomla/filter/input.php on line 654
Toon items op tag: noodhulp http://www.tambuli.nl Tue, 12 Dec 2017 00:24:10 +0000 Joomla! - Open Source Content Management nl-nl Acht maanden na Haiyan http://www.tambuli.nl/achtergronden/maatschappelijk/item/638-acht-maanden-na-haiyan http://www.tambuli.nl/achtergronden/maatschappelijk/item/638-acht-maanden-na-haiyan

1. Ondanks alle problemen blijven kinderen spelen en lachenHet is meer dan acht maanden geleden dat tyfoon Haiyan ongelofelijk zware verwoestingen aanrichtte in de Filipijnen. Honderden lokale en internationale hulporganisaties schoten te hulp. Daaronder ook een tiental Nederlandse organisaties. In dit artikel doen de Filipijnse vertegenwoordigers van het Nederlandse ICCO – die bijna permanent in het getroffen gebied verblijven - verslag van de situatie nu en van de activiteiten die ze sinds november 2013 ondernomen hebben.

Door: Billy de la Rosa en Pedro Rico Cajife III 1)
Foto's: Meindert Kok

2. Hulpverelening Internationale organisaties - UnicefDe verwoestingen veroorzaakt door tyfoon Haiyan (lokale naam Yolanda) waren zo ernstig dat veel van de overlevenden het nog steeds moeilijk hebben om te overleven en hun leven weer opnieuw op te bouwen. Met name de armste sectoren van de samenleving - zoals kleine boeren, landarbeiders en vissers - van wie huizen, bezittingen en bronnen van inkomsten vernield zijn, worstelen nog steeds om er weer bovenop te komen. In de onmiddellijke nasleep van de tyfoon overleefden de slachtoffers mede door de massale hulpacties van internationale organisaties die voedselhulp, tenten, geneesmiddelen en andere belangrijke goederen verstrekten. Die noodhulp werd gevolgd door hulp bij de wederopbouw waarbij zaken zoals boten, visnetten, ander visgerei, pootgoed, zaden, gereedschap en eenvoudige landbouwwerktuigen werden verstrekt. Daarnaast werd contant geld verstrekt en werden programma's opgezet waarbij mensen betaald kregen voor puinruimen en andere werkzaamheden, het zogenaamde cash voor werk programma. Uitgebreide voedselprogramma's liepen tot december 2013 en werden in de daarop volgende maanden afgebouwd.

Politiek opportunisme


De inspanningen van het ministerie van Sociale Zaken en Ontwikkeling, van andere ministeries en lokale overheden op het gebied van voedselhulp, cash voor werk programma's en wederopbouw
kwamen negatief in het nieuws vanwege beschuldigingen van politiek opportunisme. Oorzaak daarvan was dat de selectie van de begunstigden herhaaldelijk werd bepaald op basis van politieke voorkeuren. Verder bleek dat er na zes maanden nog hulpgoederen lagen opgeslagen in de pakhuizen van de gemeente Tacloban. Het presidentiële kantoor voor de wederopbouw, belast met de coördinatie van de hulp, heeft veel moeite om alle plannen voor wederopbouw van de honderden gemeenten die door de orkaan zijn getroffen op elkaar af te stemmen. Het kantoor staat onder leiding van oud-senator Lacson en heeft van president Aquino de taak gekregen om het herstelprogramma van de overheid te coördineren. Lacson moet er voor zorgen dat de 105 miljard peso (1,8 miljard euro) aan hulp, die de regering voor dit doel heeft uitgetrokken, aan het einde van de presidentstermijn in juni 2016 op een goede manier is besteed.

40 meter niet bouwen zone

3. Veel mensen uit armenwijken wonen nog steeds in tentenHet besluit van de president om in een zone van 40 meter van de kust niet te bouwen heeft geleid tot verwarring en blijkt een obstakel voor de wederopbouw. Er worden daarom veel vragen gesteld bij deze richtlijn. Die blijkt gebaseerd op twijfelachtige juridische grondslagen, want er is geen wet die mensen verbiedt om aan de kust binnen 40 meter van het hoogste tij te bouwen. Velen vragen zich af of dit een goede aanpak is, gezien het feit dat er helemaal geen plannen zijn voor hervestiging van diegenen die in die 40 meter zone woonden. Voor het geval er al plannen zouden zijn, zullen die moeilijk uit te voeren zijn, omdat de mensen die er woonden voor hun levensonderhoud grotendeels afhankelijk zijn van de zee.
Mensen twijfelen aan de motieven die aan het beleid ten grondslag liggen. Veel overlevenden vertrouwen de overheid niet en vrezen dat dit beleid de weg effent voor zakenlui om de mooie kuststroken over te nemen, om er resorts neer te zetten en de mensen die er woonden voorgoed te verdrijven.
Veel van de overlevenden in Leyte en Samar wonen nog in tenten, van afval opgetrokken hutjes en andere tijdelijke onderkomens. Heel wat van hen zijn ziek en ontberen voedsel en andere hulp en sociale voorzieningen. In Tacloban wachten de bewoners van twee buurtschappen, die te maken hebben met de "40 meter niet bouwen zone", in een tentenkamp op een plaats voor herhuisvestiging. Maar ze weten nog steeds niet wanneer dat gaat gebeuren en wie in aanmerking komt voor hervestiging in een gebied op 21 kilometer ten noorden van waar ze woonden.

Wederopbouw modus

4. Cooperatie van vrouwen werkt aan wederopbouwDe lokale partnerorganisaties van ICCO, die werkzaam zijn in het getroffen gebied, zijn enkele dagen na de ramp begonnen met het verlenen van noodhulp. In Batad, in het noodoosten van het eiland Panay kregen meer dan 1000 gezinnen in de eerste week voedselhulp en hulp voor eerste levensbehoeften, zoals zeep. Terwijl de landelijke overheid en de grote hulporganisaties vooral hulp verleenden in gebieden die in het middelpunt van de (media) belangstelling stonden, verleenden de ICCO partners vooral hulp in gebieden waar nog niets gebeurde, zoals in Negros, Iloilo, Capiz, Ormoc and Eastern Samar. Daarbij werd zoveel mogelijk samengewerkt met lokale overheden.

Al vroeg in haar hulpprogramma koos ICCO er bewust voor om over te schakelen naar de wederopbouw modus. Hiervoor waren verschillende redenen. Ten eerste waren de overheid en lokale en internationale hulporganisaties al volop bezig met het verstrekken van noodhulp en zij hebben daar een betere infrastructuur voor dan ICCO en haar partnerorganisaties. Ten tweede ligt ons accent in de Filipijnen op het opbouwen en versterken van de lokale gemeenschappen en het vergroten van hun capaciteit om in de eigen levensbehoeften te voorzien. Daarnaast voorzagen wij dat de noodhulp na drie maanden zou worden afgebouwd en dat de getroffen bevolking daarom geholpen moest worden om zo snel mogelijk weer zelfvoorzienend te zijn. Dus weer de mogelijkheid moest hebben om het land te gaan bewerken en te gaan vissen. Tot eind april 2014 hebben ICCO partners de bouw en reparatie van 2000 onderkomens gesteund en aan 150 gezinnen vissersboten, netten en andere benodigdheden verstrekt. Verder werden organische meststoffen, plant- en zaaigoed aan boerengezinnen gegeven, zodat ze weer voedingsgewassen konden verbouwen.

In Batad werden vissers in verschillende dorpen voorzien van gemotoriseerde boten en visnetten. Vrouwen gingen helpen bij het vissen en zorgden voor de verkoop van vis om het gezinsinkomen te vergroten. Zij ontvingen ook een training om vis te roken. Dan blijft de vis langer goed en is de opbrengst groter. Ook is er samen met de vissers gewerkt aan het herstel van beschadigde visgronden en van beschermde visgebieden en zijn kunstmatige koraalriffen aangelegd. De gemeentelijke overheid leverde een bijdrage door het instellen van patrouilles om de visgronden te beschermen tegen illegale commerciële visserij.

Netwerken belangrijk voor hulpverlening

Er waren heel wat uitdagingen bij het verlenen van noodhulp en de wederopbouwactiviteiten. Voedselvoorraden waren moeilijk te krijgen. De voorraden suiker en melkpoeder in het distributiepunt in Iloilo City bleken beperkt te zijn. Gelukkig hadden onze partnerorganisaties in het gebied goede contacten met de leveranciers in de stad en slaagden er daarom in om genoeg aan te schaffen voor de 1000 gezinnen in Batad, waar we onze eerste hulpactie ondernamen. Creativiteit van de partnerorganisaties en het hebben van een uitgebreid netwerk bleek erg handig te zijn in deze noodsituatie. Studenten en werknemers van de Universiteit van de Filipijnen in Iloilo City werden gemobiliseerd om hulpgoederen in te pakken en klaar te maken voor distributie. Het enthousiasme van de jonge studenten, die bereid waren de hele nacht non-stop te werken, stelde ons in staat om de volgende dag al hulpgoederen uit te delen. Onze partnerorganisaties en hun netwerken waren vindingrijk en flexibel en konden met de hele organisatie snel en effectief omschakelen naar het verlenen van hulp.
Bouwmaterialen waren al snel schaars in en in de buurt van het rampgebied. Ze moesten op een gegeven moment zelfs helemaal worden aangevoerd vanuit Manilla en Mindanao. Dat maakte de materialen duurder en zorgde voor aanzienlijke vertraging in de bouwwerkzaamheden.

Bureaucratische belemmeringen

5. Land bezaaid met kokospalmenHet landschap is nog bedekt met omgewaaide kokospalmen, die het lastig maken om de velden op te ruimen, zodat er geploegd, geplant en gezaaid kan worden. De stammen van de palmen zijn niet alleen een probleem voor het weer kunnen bewerken van het land, maar ze vormen ook een voedingsbodem voor ongedierte dat de nog levende palmen kan aantasten. Aan de andere kant kan van de omgewaaide boomstammen timmerhout worden gemaakt, wat de plaatselijke bevolking kan gebruiken om hun huizen te repareren of opnieuw op te bouwen. Het opruimen en gebruiken van de omgewaaide kokospalmen wordt echter bemoeilijkt door wettelijke en bureaucratische belemmeringen. In veel gevallen zijn de palmbomen eigendom van grootgrondbezitters die niet in de streek wonen en pachters hebben geen toestemming om de bomen te verwijderen. Wat betreft het opruimen van brokstukken en puin, inclusief omgewaaide kokospalmen, heeft de overheid niet een duidelijke beleids- of gedragslijn uitgezet. Door deze bureaucratische onduidelijkheid gebeurt er te weinig en komt de landbouwproductie niet snel genoeg op gang. Met als gevolg dat mensen niet in staat zijn zichzelf te voeden en afhankelijk blijven van wat ze krijgen aan hulp.

Landrechten

Landrechten, al een gecompliceerd probleem in de Filipijnen, is een acuut probleem geworden in veel van de door de tyfoon getroffen gebieden. Grootgrondbezitters en gewiekste zakenlui, die al eerder van plan waren bewoners te verdrijven, maken misbruik van de situatie door die plannen nu uit te voeren. Op het eiland Sicogon, nabij de noordoostpunt van het eiland Panay, probeert de Sicogon Eiland Ontwikkelingscorporatie alle 1200 gezinnen van het eiland te verdrijven. Het bedrijf wil het eiland omvormen tot een toeristische bestemming van wereldklasse en vindt dat de bewoners daar dan niets meer te zoeken hebben. Ondanks alle pogingen tot intimidatie, corruptie en het afkopen van de bewoners, verzetten de mensen zich met alle mogelijke middelen omdat ze al vele generaties lang op het eiland wonen. Ze hebben nu een bosreservaat bezet om de overheid te dwingen stappen te nemen om hen te beschermen. De bewoners hebben daarbij steun van drie ICCO partners die deze zaak nationaal en internationaal onder de aandacht hebben gebracht.2)

Economische malaise

Vanaf maart zijn er tekenen van hernieuwde economische activiteit in de door Haiyan verwoeste gebieden. In Tacloban City begint het leven stukje bij beetje weer op gang te komen met het openen van winkelcentra, kruidenierswinkels, drogisterijen, restaurants en hotels. De open markt draait weer en ook de overheidsdiensten en het openbaar vervoer werken weer. Maar de koopkracht van de mensen is nog lang niet terug op het oude niveau.
6. Centrum van TaclobanBanen zijn er maar weinig omdat bedrijven, zoals de lokale Coca-Cola fabriek, hun productie niet hebben hervat. Op het platteland zijn de mogelijkheden om wat te verdienen en het leven weer op te bouwen zo nodig nog beperkter. Ondertussen zijn de prijzen van de eerste levensbehoeften flink gestegen.
Organisaties van de VN en internationale hulporganisaties dragen bij aan de economie in de getroffen gebieden door het afhuren van hotels en het afsluiten van contracten met vervoerders. Daarnaast worden plaatselijke ontwikkelingsorganisaties en werknemers ingehuurd voor hulp- en wederopbouwprojecten. Dit levert in ieder geval tijdelijk een bijdrage aan het economische herstel.

Lange weg naar herstel

Nu het nieuwe regen- en tyfoonseizoen weer begonnen is, is het belangrijk om aandacht te besteden aan de voorbereiding op zware stormen en overstromingen. In dat kader geven partnerorganisaties van ICCO trainingen aan de leiders van de gemeenschappen en hebben ze een voorlichtingsprogramma opgezet voor de bevolking. De lokale raden voor risico reductie worden nieuw leven ingeblazen en worden opgeleid om hun taak zo goed mogelijk uit te voeren. Projecten die worden uitgevoerd zijn het in kaart brengen van risicogebieden, herstel van en het opnieuw aanplanten van mangrovebossen en het opzetten van vroegtijdige waarschuwingssystemen. Het grootste probleem daarbij is steeds weer het gebrek aan financiële middelen van de lokale overheden.

De bevolking in de getroffen gebieden zal niet gemakkelijk over haar trauma's heenkomen. Bij zware regenval en onweer huiveren veel mensen en huilen kinderen van angst. Ze zijn doodsbang dat er een nieuwe tyfoon komt met de kracht van Haiyan. Veel kinderen zijn bang geworden om in zee te zwemmen. In Tacloban is al twee keer een vals alarm geweest over een nieuwe tsunami, wat tot grote paniek leidde.

De bevolking heeft op verschillende manieren haar dankbaarheid uitgesproken voor alle steun die ze kreeg van donoren uit de Filipijnen en uit het buitenland. Deze hulp heeft hen hoop gegeven voor de toekomst. Maar de weg naar volledig herstel zal een hele lange zijn.

1) Billy de la Rosa en Pedro Rico Cajife III vormen samen het ICCO Philippine Haiyan Response Team.
ICCO is de interkerkelijke organisatie voor internationale samenwerking. ICCO werd in 1964 opgericht als Interkerkelijke Coördinatie Commissie Ontwikkelingssamenwerking. Tegenwoordig is het geen commissie meer, maar een zelfstandige organisatie en sinds 1971 een stichting.

2) Zie voor meer informatie: http://www.tambuli.nl/achtergronden/politiek/item/615-tyfoon-haiyan-veroorzaakt-strijd-om-landbezit-in-filipijnen

 

]]>
no-spam@tambuli.nl (Super User) Maatschappelijk Mon, 04 Aug 2014 21:25:14 +0000
Hulpverlening in het noorden van Cebu ondermaats http://www.tambuli.nl/themas/natuurgeweld/item/624-hulpverlening-in-het-noorden-van-cebu-ondermaats http://www.tambuli.nl/themas/natuurgeweld/item/624-hulpverlening-in-het-noorden-van-cebu-ondermaats

1. Uitdelen van hulpgoederenIn de media gaat het meestal over de verwoestingen die tyfoon Haiyan in Tacloban en op het eiland Leyte aanrichtte. Andere delen van de Filipijnen werden echter ook zwaar getroffen door de supertyfoon. Een van die gebieden waar we weinig over horen is het noorden van het eiland Cebu en de kleine eilanden die westelijk daarvan liggen. Ubo Pakes en zijn vrouw Leny wonen in Cebu City en trekken regelmatig naar het noorden om er te helpen de nood te lenigen. Hieronder een verslag van Ubo.

Tekst en foto's van Ubo Pakes

2. Uitdelen - georganiseerd en orderlijkSamen met medewerkers van het Women's Resource Center van de Visayas (WRCV) in Cebu City en van verwante organisaties, zijn mijn vrouw Leny Ocasiones en ik een week na de tyfoon met noodhulp naar het noorden van Cebu afgereisd. Dit was een schokkende ervaring. Honderden, misschien wel duizenden mensen stonden langs de weg en vroegen zwijgend, fluisterend en soms schreeuwend om eten en steun. Voor sommige kinderen leek het een spelletje, maar veel ouderen zaten vrij apathisch langs de weg. Er was op dat moment ook een colonne auto's uit Cebu City op weg naar het noorden om voedsel en kleren uit te delen. Het uitdelen gebeurde grotendeels langs de kant van de weg, zonder dat er van veel organisatie sprake was, zodat het recht van de sterkste gold. Veel van dit soort uitdeelacties werden niet of nauwelijks gecoördineerd met organisaties of de bewoners, waardoor niet iedereen datgene kreeg waar men behoefte aan had.
In de gebieden waar wij naar toegingen heeft de vrouwenorganisatie eigen mensen in de gemeenschappen, de "organizers". Zij kennen de mensen en de situatie. Ze weten precies hoeveel families er zijn en wat er nodig is en hadden daar lijsten van gemaakt. Het uitdelen van de spullen ging daarom overal erg gedisciplineerd. Lastig en pijnlijk was het, dat er bijna altijd meer mensen kwamen opdagen dan voorzien en dan moesten we mensen teleurstellen omdat we gewoon niet meer hulpgoederen bij ons hadden.

Bantayan eiland

Wij zijn daarna nog een paar keer op pad geweest en hoe belangrijk coördinatie bij de hulpverlening voor de mensen in het gebied is, bleek uit ons bezoek aan het eiland Doong tussen kerst en oud en nieuw. Doong en het grotere eiland Bantayan liggen op een uur varen ten westen van de noordelijke punt van het eiland Cebu. Beide eilanden hebben zwaar te lijden gehad onder de tyfoon. Op Bantayan is de havenplaats Sta Fe, liggend op de zuidelijke oostpunt, onherkenbaar verwoest en de noordelijke plaats Madridejos is voor 80 procent vernield. Alleen de plaats Bantayan kwam er relatief gezien beter 3. De vernielde markt in Bantayanaf, omdat het aan de westkant van het eiland ligt. De markt was er echter zwaar beschadigd, maar onder de bordjes "Beware of falling objects" ging de handel gewoon door. Op Bantayan wonen ongeveer 175.000 mensen, waarvan er tijdens de tyfoon meer dan 20 omkwamen. Nagenoeg de hele infrastructuur op het eiland is vernield of beschadigd.
Tijdens ons bezoek woonden veel mensen op beide eilanden nog in tenten.

Doong eiland

Van onze "organizers" op Doong, dat 2500 inwoners heeft, hadden we gehoord dat de vrouwen vooral behoefte hadden aan sanitatie kits (maandverband, zeep etc.) en bouwmaterialen. "Alsjeblieft niet nog meer noodles en sardines", hadden we te horen gekregen. Op Doong viel vooral op dat de schade veel meer zichtbaar was dan op het vasteland. Op het vasteland is al het oude ijzer en oude dakmateriaal al verkocht aan de schroothandelaren. De transportkosten naar en op het eiland zijn gewoon te hoog, dus hingen er nog dakplaten en stalen dakspanten in de bomen. De inwoners van Doong verwachtten heel weinig hulp meer van de gemeente en de provincie en ze waren daarom zelf, met de hulp van internationale vrijwilligers, bezig met reparaties en herbouw van hun huizen. De tijdelijke kliniek op het eiland werd bemenst door Duitse vrijwilligers. Iedere school had op het schoolterrein een aantal noodlokaaltjes staan die bedekt waren met tentdoek. Aan de reparatie van de scholen werd gewerkt door Duitse en Canadese vrijwilligers.

Het leven gaat door

4. Spontaan concert in Batteria - DaanbantayanEen andere keer waren we op weg naar Daanbantayan, helemaal in het noorden van Cebu, naar gezinnen in Virgin Beach. De weg er naar toe ging voor een deel door een bos dat me deed denken aan de oorlogsfoto's uit de eerste wereldoorlog. Elke boom was beschadigd. Een beangstigend gezicht. In hetzelfde gebied kwamen we langs een plek waar geknakte bomen een soort van erehaag vormden voor de mensen die op het uitdelen van hulpgoederen stonden te wachten. Van de huizen stond af en toe niet veel meer overeind dan een poort.
Door het maken van foto's kijk ik op een andere manier naar dingen en soms naar mensen, dit helpt mij om alles in perspectief te plaatsen. Toch blijft het me verbazen, want waar je ook komt, hoeveel schade en ellende je ook ziet, er wordt altijd wel gelachen. Dat geldt zeker voor de kinderen, voor wie alle nieuwe dingen en activiteiten ook een aanleiding vormen om te spelen.
Deze houding komt waarschijnlijk voort uit het feit dat mensen accepteren dat dit soort erge dingen nou eenmaal gebeuren. Tyfoon of niet, het leven gaat door. De geiten moeten nog steeds eten en de omgevallen kokospalm voor de school is gewoon een prima wipwap!

In Batteria, Daanbantayan moesten we een keer even wachten op de rest van de groep. Bij het zien van een microfoon gingen mensen spontaan zingen en ontstond er een concert. Ze gingen er helemaal op in, maakten plezier en vergaten even alle toestanden om zich heen.

Geen hulp van de overheid

5. Kinderen tekenen over hun ervaringenIn San Remigio, in het noordwesten van Cebu, hield de vrouwenorganisatie een bijeenkomst voor kinderen om hen te helpen bij het verwerken van hun ervaringen. We dachten een sessie te kunnen doen met ongeveer 50-75 kinderen, maar er bleken er 160 te zijn. Even slikken en dan toch maar improviseren. Gelukkig waren er veel vrijwilligers en hadden we extra materiaal bij ons. Sinds die keer maakt een megafoon deel uit van de standaarduitrusting.

Met de vrijwilligers van de vrouwenorganisatie zijn we op 23 februari voor het laatst in het noorden van Cebu geweest, waar we met hulpgoederen en begeleidingsactiviteiten meer dan 200 families hebben bereikt. Wat opvalt is dat de emotionele en psychische schade bij veel mensen en kinderen nog heel erg groot is. Er stromen veel tranen als ze vertellen over wat ze meemaakten tijdens de storm.
Ook hier hebben de mensen weinig hulp gekregen van de lokale overheden en ze verwachten ook weinig meer. Vaak zijn er wel vertegenwoordigers van de provincie langs geweest om een eerste inventarisatie te maken, maar daarna heeft men niks meer gehoord. Veel mensen wonen nog in tenten of gebruiken het tentdoek als extra laag voor het dak of als luifel voor hun beschadigde woning. In San Remigio deelt een Duitse NGO dakmateriaal uit, maar de rest van het huis moet men zelf bouwen. Veel mensen hebben hier echter geen geld voor en dus liggen tientallen dakplaten te wachten op een nieuwe woning.
6. Volledig vernield schoolgebouwVan veel beschadigde scholen is het puin opgeruimd en zijn klaslokalen zoveel mogelijk in orde gemaakt. De school in Medellin, die ook in de documentaire van KRO's Brandpunt over Cebu werd getoond, is nog net zo beschadigd als vier maanden geleden.
We hebben echter het idee dat het leven langs de provinciale en doorgaande wegen weer redelijk op gang is gekomen. De goede bereikbaarheid heeft er voor gezorgd dat, zowel direct na de tyfoon als ook daarna, de stroom aan hulpgoederen redelijk op gang is gekomen.

Media aandacht in Filipijnen ook verdwenen

Niet alleen kwam veel van de hulp erg laat en was de coördinatie bijzonder slecht, de verhalen over incompetentie en corruptie worden helaas steeds talrijker. Al vrij snel na de tyfoon klaagden international hulporganisaties dat veel van de bunkhouses die gebouwd werden als tijdelijk onderkomen niet aan de internationale standaarden voldeden. Bunkhouses zijn lange gebouwen met kleine wooneenheden of kamers voor 24 gezinnen. Een snel onderzoek van de Filipijnse overheid bracht aan het licht dat de bouwkosten van deze bunkhouses niet te hoog waren, maar dat de gebruikte materialen van inferieure kwaliteit waren. Op dit moment ligt het ministerie van Sociale Zaken en Ontwikkeling (DSWD) opnieuw onder vuur omdat de zakken rijst van 25 kg, die zijn uitgedeeld, slechts 20 kg wegen. Bovendien circuleren er berichten dat aan slachtoffers van de tyfoon 1200 peso betaald zou zijn om gunstige evaluaties te schrijven. Ook via mijn netwerk van internationale organisaties in Leyte en Samar komen veel negatieve verhalen binnen. Voor veel politici lijkt de noodhulp en de enorme tragedie in het gebied een middel om vooral aan zichzelf te denken.

Op TV en in de media is er weinig aandacht meer voor de overlevenden van de tyfoon en de situatie in de getroffen gebieden. Zowel de plaatselijke als de landelijke media besteden aanzienlijk meer aandacht aan de rel rondom de van verkrachting beschuldigde filmster Vhong Navarro, de grootschalige corruptieschandalen rondom Janet Napoles en aan dagelijkse quizzen en showbizz gebeurtenissen, dan aan de gevolgen van de tyfoon en de wederopbouw.

7. Ubo tussen de kinderen

 

]]>
no-spam@tambuli.nl (Super User) Natuurgeweld Sun, 23 Mar 2014 19:32:10 +0000
Wederopbouw in Filipijnen gaat jaren duren http://www.tambuli.nl/themas/natuurgeweld/item/607-wederopbouw-in-filipijnen-gaat-jaren-duren http://www.tambuli.nl/themas/natuurgeweld/item/607-wederopbouw-in-filipijnen-gaat-jaren-duren

1. Kinderen dwalen verdwaast rondEind 2013 lag het officiële dodental van supertyfoon Haiyan op bijna 6200 en werden er nog ongeveer 1800 mensen vermist. In Tacloban City, op Leyte, en in andere steden lijkt het leven weer een beetje op gang te komen. Maar het is niet wat het lijkt, vooral op het platteland lijdt de bevolking honger en veel mensen zullen nog lang afhankelijk blijven van noodhulp. De wederopbouw zal vele jaren in beslag nemen, maar uiteindelijk zullen de getroffen gebieden er bovenop komen. De geschiedenis laat het zien, Tacloban werd twee keer eerder door een tyfoon van de kaart geveegd.

Door: Evert de Boer

Officieel lag het dodental eind december op bijna 6200 en het aantal vermisten op 1800. Niet officiële bronnen vermelden dat het dodental ruim boven de 8000 ligt en dat het aantal vermisten veel hoger is dan de 1800 die de officiële overheidsinstanties vermelden. Omdat veel doden nog niet geïdentificeerd zijn, kan zich daaronder ook een deel van de vermisten bevinden.
2. Overlevenden in Tacloban CityElke dag worden er nog minstens tien doden geborgen. In Tacloban en enkele andere plaatsen bevinden zich vermoedelijk nog veel slachtoffers onder het puin waarop de 15 schepen staan die door de hoge vloedgolven op het land zijn geworpen. Daardoor is de stank in delen van de stad bijna ondragelijk. Zo ook in een van de verwoeste wijken aan de rand van Tacloban waar sinds 10 november lijken in lijkenzakken worden verzameld voor identificatie. Als ze worden geïdentificeerd dan gaan ze naar de familie, anders worden ze naar een massagraf gebracht. Dat proces gaat zo langzaam dat er voor de Kerst 1400 lijken lagen. Het is niet duidelijk of deze doden al als slachtoffer zijn geteld. Bewoners in het gebied zijn inmiddels zo ziek van de allesoverheersende stank dat ze de lokale autoriteiten hebben gevraagd de lijken zo snel mogelijk te begraven. Maar die wijzen vooral naar elkaar als eerst verantwoordelijke voor het oplossen van dit probleem.

Hulp traag en inadequaat

Trage hulpTyfoon Haiyan (lokale naam Yolanda) veroorzaakte een van de grootste natuurrampen in de Filipijnse geschiedenis waarbij meer dan 14 miljoen mensen werden getroffen. De tyfoon kwam op 8 november 2013 eerst aan land in het zuiden van Samar en daarna in Tacloban City en raasde vervolgens met windsnelheden van meer dan 300 km per uur van oost naar west over het land. De verwoestingen die de tyfoon aanrichtte zijn onvoorstelbaar groot. De kustgebieden werden extra zwaar getroffen door vloedgolven van zes tot tien meter hoog. Vele honderdduizenden mensen wonen nog in opvangcentra en tentenkampen. Vele tienduizenden zijn in de weken na de ramp de getroffen gebieden ontvlucht omdat de hulp veel te traag op gang kwam en zij bang waren om te komen door honger, dorst of ziektes.
Er was veel kritiek op het trage op gang komen van de hulp. Het duurde drie, vier of vijf dagen voor mensen in de steden werden bereikt en wel een week tot tien dagen voordat de hulp bewoners van dorpen in het binnenland bereikte. En vervolgens was de hulp dan vaak onvoldoende. Dat de Filipijnse overheid en het leger niet adequaat reageren op rampen was ook al duidelijk geworden bij eerder rampen in het najaar van 2011 en 2012 toen delen van Mindanao werden getroffen door zware stormen waarbij beide keren meer dan 1000 doden vielen. Maar door de enorme omvang van deze ramp, waarbij verschillende steden en dorpen volledig werden weggevaagd en door de aanwezigheid van de internationale pers, werd dit in versterkte mate blootgelegd.

Totale verwoesting van steden en platteland

Totale verwoestingTerwijl de media de schaal van verwoesting vaak proberen aan te geven aan de hand van cijfers over het aantal doden, de economische schade en de kosten voor de wederopbouw, doet dat nauwelijks recht aan de situatie waarin miljoenen slachtoffers zich bevinden. Mensen die de getroffen gebieden hebben bezocht vertellen allen een zelfde verhaal. De vernielingen gaan het bevattingsvermogen ver te boven. Dat geldt niet alleen voor Tacloban City maar ook voor andere grotere plaatsen aan de baai van San Pedro en San Pablo en kustplaatsen op andere eilanden die door vloedgolven werden getroffen. Daarnaast ligt alles in het binnenland van de getroffen eilanden plat. Huizen zijn totaal vernield, de oogst op rijstvelden en van andere voedselgewassen is volledig verwoest, vee en huisdieren gedood, boten in de vissersdorpen verdwenen of onbruikbaar, evenals veel van de landbouwwerktuigen. Honderdduizenden kokosnootbomen zijn geveld of als luciferhoutjes afgebroken, waardoor het platteland eruit ziet als een gigantisch kerkhof van kokosbomen. Wat ook nauwelijks te bevatten is, is dat het getroffen gebied ruim half zo groot is als de oppervlakte van Nederland.
De wederopbouw lijkt dan ook een bijna onmogelijke taak, die vele jaren in beslag zal nemen.
Maar hulp of geen hulp, de inwoners van de getroffen gebieden hebben weinig keus, ze kunnen niet blijven stilstaan bij het heden of het verleden. De manier waarop mensen de draad weer oppakken is bewonderenswaardig. Tijdelijke onderkomens worden opgetrokken uit balken, planken en andere beschikbare materialen die mensen uit het puin halen. Handeltjes worden opgezet. Op het platteland bouwen mensen weer een huisje op van het hout van kokosbomen, bamboe en nipa of andere materialen die voorhanden zijn en verzamelen ze zaden en jonge scheuten om die te gaan planten.

Lange weg te gaan

Marktkooplui die in steeds grotere aantallen hun waren aan de kant van de straat aanbieden. Een vliegveld wat weer zo goed als normaal functioneert, benzine en diesel die weer volop beschikbaar zijn, een stadhuis dat weer open is, ziekenhuizen die deels weer functioneren, een warenhuis dat zijn deuren voor een beperkt deel weer opent voor klanten, een restaurant dat begin december alweer open ging. Het zijn tekenen die lijken aan te geven dat het leven in Tacloban City weer enigszins zijn normale gang gaat. Ook in andere plaatsen proberen mensen weer zoveel mogelijk het leven op te pakken. Ondanks die eerste tekenen van herstel heeft de overgrote meerderheid van de mensen, met een verblijf in opvangkampen en karige voedselrantsoenen, het nog uiterst moeilijk.
Het ministerie van Energie liet trots weten dat 80 procent van de dorpen en steden voor Kerstmis weer aangesloten was op het elektriciteitnetwerk, maar inwoners hebben daar niet zoveel aan, want leidingnetten in de woonplaatsen zelf zijn totaal vernield.

Met de enorme vernielingen die de tyfoon aanrichtte, kan het niet anders dan dat de bevolking nog een lange weg te gaan heeft om een weer enigszins normaal bestaan op te bouwen. Velen zullen nog lange tijd afhankelijk zijn van noodhulp. Dat wordt een uitdaging want met het verstrijken van de tijd wordt de aandacht en ook de hulp minder. Nu al is de ramp grotendeels uit het nieuws verdwenen, niet alleen internationaal maar ook in de Filipijnen worden de berichten schaarser.

Selectieve hulp

Terwijl er in Nederland veel scepsis is over een goede besteding van hulp door hulporganisaties, kiest de bevolking in de Filipijnen juist voor hulp via die hulporganisaties. Dat komt omdat men weinig vertrouwen heeft in de eigen politici en bestuurders. Behalve dat er soms sprake is van regelrechte corruptie, blijkt dat politiek vaak een rol blijft spelen in de hulpverlening die via de nationale, regionale en lokale overheden verloopt. Er verschenen verschillende keren berichten van mensen in bepaalde delen van gemeentes die na drie of vier weken nog steeds geen hulp hadden ontvangen. Volgens de inwoners werden ze door de lokale bestuurder 'overgeslagen' omdat in hun wijk bij de laatste verkiezingen massaal op de tegenstander van de burgemeester/gouverneur was gestemd. Begrijpelijk dat men politici en bestuurders niet vertrouwt, als zelfs bij rampen als deze (nood)hulp wordt ingezet om politiek mee te bedrijven.

Wederopbouw

Tijdelijke onderkomensDe totale schade bedraagt naar schatting 35 miljard peso (600 miljoen euro) en volgens het Nationale Economische en Ontwikkelingsinstituut van de overheid (NEDA) gaat de wederopbouw, gerekend over een periode van vijf jaar, tenminste 360 miljard peso kosten (6,5 miljard euro)
De toezegging aan buitenlandse hulpgelden bedroeg begin december 24 miljard peso en de Filipijnse overheid heeft tot eind 2014 een bedrag van 130 miljard peso uitgetrokken voor de wederopbouw.
De getroffen gebieden zijn overspoeld door vele tientallen hulpverleningsorganisaties en hulpverleners, zowel uit de Filipijnen zelf als vanuit het buitenland. Met zoveel hulporganisaties en hulpverleners ter plaatste is het moeilijk om zicht te krijgen op wat er aan hulpverlening gebeurd en die op elkaar af te stemmen. Zo zijn op Leyte, en dan vooral in de omgeving van Tacloban, veel hulporganisaties aktief, terwijl er in noordoost van Panay nauwelijks hulpverleners aanwezig waren. De bewoners van totaal vernielde kustdorpen kregen daar alleen wat voedselhulp en pas vlak voor de Kerst kregen ze een aantal tenten als vervangende woonruimte en andere hulpgoederen.
Om toegezegde en werkelijk gegeven hulp uit het buitenland inzichtelijk te maken voor het publiek heeft de Filipijnse overheid een speciale website opgezet onder de naam Foreign Aid Transparency Hub - FAiTH (http://www.gov.ph/faith). Hierop is veel informatie te vinden over de ramp en de hulpverlening en zijn ook de bedragen vermeld die zijn toegezegd door overheden van landen wereldwijd en hoe die besteed (gaan) worden. Er is echter geen informatie te vinden over de concrete projecten waaraan het geld wordt besteed. Wat ook niet op de website staat is informatie over hulp die via particuliere hulporganisaties gegeven en besteed wordt.
Ondanks dit mooie initiatief is het niet mogelijk een goed beeld te krijgen over de hulpverlening. Of dat overzicht er bij de Filipijnse overheid wel is, is maar de vraag. Om de besteding van de enorme geldstromen in goede banen te leiden heeft president Aquino de controversiële oud-senator Lacson aangesteld als speciale coördinator voor wederopbouw. Lacson werd in de volksmond als snel gedoopt tot Czar van de wederopbouw. Hij is controversieel omdat hij er in de jaren negentig als hoofd van de politie en bestrijder van zware misdaad van beschuldigd werd verantwoordelijk te zijn voor verschillende standrechtelijke executies. Ook is hij herhaaldelijk beschuldigd van betrokkenheid bij corruptie. Maar in 2010 werd hij van alle aanklachten vrijgesproken.
De president benadrukte dat Lacson's taak beperkt is tot het zorgen voor afstemming tussen de verschillende nationale en lokale overheidsdiensten en nationale en internationale hulporganisaties bij de wederopbouw. En dat beslissingen over de bestedingen van de fondsen, het vrijgeven ervan en het tekenen van contracten niet tot zijn verantwoordelijkheden behoren.

Ondertussen is er veel discussie over het hoe en het waar woonwijken opnieuw opgebouwd moeten worden. De regering heeft aangegeven dat ze alleen herbouw van woningen wil toestaan op plaatsen die minder kwetsbaar zijn en dat er alleen huizen gebouwd mogen worden die bestand zijn tegen de zwaarste stormen. Toezicht op uitvoering hiervan is echter onvoldoende en bovendien kent men geen systeem van bouwvoorschriften en –vergunningen. Mensen zullen en kunnen niet wachten op de overheid, die ook niet voor iedereen woningen kan gaan bouwen, laat staan solide woningen. Ervaringen met andere rampen heeft ook geleerd dat mensen die geen eigen grond bezitten of dat niet kunnen aantonen omdat ze alles kwijt zijn, gaan bouwen op plekken waar ze gewoond hebben of plekken die beschikbaar zijn. Het lijkt daarom niet aannemelijk dat er veel terecht zal komen van deze goede voornemens van de overheid.

Hoop voor de toekomst

Grote Kerstster met Filipijnse vlag -TaclobanVolgens overheidsbronnen zijn middels de gezamenlijke hulpverleningsinspanningen drie miljoen mensen bereikt met voedselhulp, zijn er tijdelijke woningen gebouwd voor duizenden gezinnen en zijn 20.000 gezinnen voorzien van rijstzaden voor het nieuwe plantseizoen. Rond de 180 medische teams (115 uit de Filipijnen en 65 buitenlandse) hebben hulp verleend en voorlichting gegeven. Het zou vooral aan de inzet van deze medische teams te danken zijn dat er geen epidemieën zijn uitgebroken.
Een van de redenen dat de lokale economie beetje bij beetje weer op gang komt is omdat veel hulporganisaties met een cash voor werk programma zijn gestart, waarbij mensen betaald worden voor allerlei klussen zoals puinruimen, reparatiewerkzaamheden, het opzetten van tijdelijke huisvesting, herbouw van scholen en andere bouwprojecten, etc. Ze verdienen op deze manier een inkomen, waardoor ze minder of niet afhankelijk zijn van giften of hulpgoederen. Om mensen te scholen krijgen ze eerst een training voor de meer gespecialiseerde werkzaamheden, bijvoorbeeld in de bouw. Door het cash voor werk programma worden mensen voor kortere of langere tijd aan werk geholpen en ze doen vaardigheden op waarmee ze later ook aan de slag kunnen, zonder dat er hulpgelden aan te pas komen.
Op aanraden van de Internationale Arbeidsorganisatie ILO, die dergelijke programma's stimuleert, wil de Filipijnse overheid ook met dergelijke programma's aan de slag.
Een dergelijk programma is minder geschikt voor het platteland, daar zal men het meer van hulp voor de wederopbouw moeten hebben, want zij hebben op korte termijn behoefte aan zaden, vee en trekdieren, gereedschap en boten.

laatste - Krantekoppen - typhoon 1912 killed 15000Dat de bewoners van de getroffen gebieden deze zware tegenslag te boven zullen komen is wel zeker. Want het is niet de eerste keer dat het gebied getroffen werd door een dergelijke ramp. Uit de archieven van kranten in Australië en de Verenigde staten bleek dat Tacloban in 1897 en 1912 eveneens werd getroffen door zware tyfoons die niets van de toen nog kleine provincieplaats overlieten. In 1897 werd er een aantal doden gemeld van tussen de 5000 en 7000. Van de tyfoon in 1912 is bekend dat die praktisch dezelfde route volgde als Haiyan nu. In de verslagen werd melding gemaakt van tenminste 15.000 dodelijke slachtoffers. Natuurlijk is dit al meer dan een eeuw geleden, maar het feit dat deze rampen al uit het nationale geheugen zijn gewist, geeft aan dat het leven zijn loop weer herneemt.

]]>
no-spam@tambuli.nl (Super User) Natuurgeweld Sat, 04 Jan 2014 22:44:38 +0000